Heeft uw werknemer naast het partnerpensioen bij bpfBOUW zelf een Anw-hiaatverzekering afgesloten? Of misschien heeft u als werkgever deze verzekering aan al uw werknemers aangeboden? Dan ontvangt de partner naast een pensioenuitkering van bpfBOUW ook een uitkering op basis van deze aanvullende verzekering als uw werknemer overlijdt.
In het vernieuwde pensioen van bpfBOUW is het partnerpensioen meestal hoger dan nu. Daarom kan de Anw-hiaatverzekering straks misschien zorgen voor fiscale bovenmatigheid.
Sociale partners bij bpfBOUW hebben besloten om in de nieuwe regeling naast een levenslang partnerpensioen ook een tijdelijk partnerpensioen in de pensioenregeling van bpfBOUW op te nemen. Ondanks dat voor beide pensioenen een eigen fiscale ruimte geldt, is het dus mogelijk dat er geen fiscale ruimte meer is voor een Anw-hiaatverzekering. En is het niet verstandig nog een aanvullende Anw-hiaatverzekering buiten bpfBOUW aan te bieden.
Het levenslang partnerpensioen is op risicobasis: in het vernieuwde pensioen is er alleen partner- en wezenpensioen geregeld zo lang uw werknemer actief pensioen opbouwt. Als uw werknemer uit dienst gaat en nog geen nieuwe baan heeft, is er de eerste 6 maanden wel een tijdelijke regeling. Als uw werknemer in deze periode overlijdt, hebben de nabestaanden toch recht op partner- en wezenpensioen.
Het fiscaal toegestane maximum voor levenslang partnerpensioen is 50% van het pensioengevend loon (tot €138.000 in 2025 en gecorrigeerd voor parttimepercentage).
Is het tijdelijk partnerpensioen uit de LAP-regeling op 1 januari 2026 nog niet ingegaan? Dan zetten we het tijdelijke hogere partnerpensioen tot 65 jaar om in levenslang partnerpensioen. Is het partnerpensioen al ingegaan? Dan blijft de partner van uw werknemer recht hebben op een hoger pensioen tot 65 jaar.
Het voor 1 januari 2026 opgebouwde partnerpensioen blijft staan.
Is er volgens de regels van de Belastingdienst meer pensioen opgebouwd dan is toegestaan? Dan is er sprake van fiscale bovenmatigheid. Overlijdt uw werknemer? Dan kan de uitkering aan de partner van het levenslang partnerpensioen, het tijdelijk partnerpensioen en de Anw-hiaatverzekering boven de fiscale grens uitkomen. Dit betekent dat (een deel van) de uitkering wordt belast. Of zelfs fiscaal niet is toegestaan.
Door werknemers te wijzen op de risico’s van fiscale bovenmatigheid, voorkomt u onaangename verrassingen bij het overlijden van een werknemer. En voldoet u aan uw informatieverplichting als werkgever. Daarom is het slim als uw werknemer met zijn of haar partner checkt of het partnerpensioen van bpfBOUW vanaf 1 januari 2026 genoeg is. In dat geval kan uw werknemer de verzekering opzeggen of verlagen.