Meer of minder werken heeft invloed op het pensioen van uw werknemer. Het is belangrijk uw werknemer hierop te wijzen. U geeft aan ons door of uw werknemer meer of minder werkt, uw werknemer hoeft niets door te geven.
Gaat uw werknemer meer werken? Dan betalen u en uw werknemer ook meer pensioenpremie. Daardoor groeit de pensioenpot ook meer. De uitkering voor de partner en kinderen als uw werknemer overlijdt en het recht op premievrije voortzetting bij arbeidsongeschiktheid worden ook hoger als de deeltijdfactor hoger wordt.
Gaat uw werknemer minder werken? Dan betalen u en uw werknemer minder pensioenpremie. Daardoor groeit de pensioenpot minder. De uitkering voor de partner en kinderen als uw werknemer overlijdt en het recht op premievrije voortzetting bij arbeidsongeschiktheid worden ook lager als de deeltijdfactor lager wordt.
Uw werknemer kan minder werken combineren met deeltijdpensioen. Bij bpfBOUW kan deeltijdpensioen vanaf 10 jaar vóór de AOW-leeftijd.
Combineert uw werknemer minder werken met deeltijdpensioen? Dan blijven u en uw werknemer premie betalen voor het deel dat uw werknemer nog werkt.
Uw werknemer kan soms ook minder gaan werken op basis van een cao-regeling. Of dit voor uw werknemer geldt, kunt u nagaan in de cao-regeling die van toepassing is. Meer informatie vindt u op de pagina bedrijfstakeigen regelingen.
Als het contract van uw werknemer wordt aangepast naar meer of minder uren verandert de deeltijdfactor. Geef de nieuwe deeltijdfactor aan ons door via uw salarispakket of via het Selfservice Werkgevers Portaal (SWP).
Maakt uw werknemer gebruik van een speciale regeling om meer of minder te gaan werken? Let erop dat de aangifte voor het BTER-product wel altijd gebaseerd is op het daadwerkelijke loon. Dit kan dus afwijken van het loon dat u aanlevert voor de pensioenproducten. Kijk voor meer informatie in onze handleiding Premie en Gegevens via onze pagina Handleidingen.
Bekijk de informatie voor uw werknemers over meer of minder werken.